Voordat ik het wist was de eerste week van december voorbij. Ik merkte dat de dagen korter waren, donkerder. Het licht werd dunner, bijna doorzichtig. Licht wat je bijna niet ziet als je niet oplet. Het licht van stille gloed.
Een paar laatste gele bladeren waren zichtbaar aan de takken. Mijn voeten liepen over de deken van gele en caramelbruine bladeren. Ik keek omhoog en zag de vormen van de takken als schaduwen tegen de grauwe hemel.
In de nacht van 5 december scheen de supermaan haar volste licht . Ze stond dichter bij de aarde en leek daardoor groter en helderder dan normaal.
In de dagen voor het Sinterklaasfeest was er enige tijdsdruk.
Kwam het cadeautje wat besteld was wel op tijd aan? Is er inspiratie om een surprise te maken? Kan ik de woorden vinden voor een gedicht dat lekker rijmt, en dat de inhoud ook goed overkomt? Wil de creativiteit stromen?
Het jaarlijks terugkerende ritueel bracht me terug naar de herinneringen aan de jaren dat mijn kinderen nog klein waren. De schoentjes die gezet werden met een wortel en een brief aan Sint. De jute zakken vol cadeautjes, met spanning afwachten dat er aangeklopt zou worden, het strooien van het snoepgoed. Vol verwachting uitkijken naar pakjesavond.
De betovering van het feest groeide mee met de volwassenen die ze nu zijn.
Het lied dat geschreven werd als een eerbetoon, het gedicht met de woorden van aanmoediging na een stressvolle periode. De doos met complimenten van ware papierkunst. Het grote boek van de liefde geschreven door haar geliefde. De menhir van gips waar de nieuwste uitgave van zijn lievelingsstripboek in verstopt zat.
In de grote oranje lederen fauteuil zaten de knuffeldieren die ons toekeken. Pooh Bear, Knorretje, Paddington, en niet te vergeten Simba. Wachtend op een nieuwe bestemming.
Ik realiseerde me hoe blij mijn zus altijd was als ze weer een nieuwe knuffel had meegenomen van haar reisbestemming. Thuis zaten ze in de bank, later op de planken van de boekenkast en op een dag verdwenen ze in dozen, opgestapeld om bewaard te blijven. Alle dieren gingen door mijn handen toen ik de dozen doorzocht. Haar leven is een herinnering geworden.
De magie van dit feest was er nog altijd toen Knuffel cadeaupiet bedacht dat deze dierbare souvenirs een nieuwe bestemming mochten krijgen. Mijn kinderen zochten hun favoriete aandenken uit. Ik zag in een ogenblik het kind in hen tot leven komen.’ Ah ja, dit hondje is ook schattig. ‘Dit is Simba als pup, dan wil ik ook knorretje want die hoort bij Poohbear.’
Lachend gingen ze met hun armen vol knuffels naar huis.
De hemel was helder en de Supermaan verlichtte de weg toen we ze uitzwaaiden. De laatste volle maan van het jaar scheen haar volste licht en leek groter dan ooit omdat ze zo dicht bij de aarde stond. Ze gaf me het gevoel dat we deze decembermaand een laatste hoofdstuk tegemoet gingen.
De cirkel was rond? Kon ik dat zeggen met alles wat ik het afgelopen jaar had meegemaakt? Het loslaten van mijn ouderlijk huis en vooral het loslaten van het leven van mijn zusje?
Herinneringen van mijn kinderjaren kwamen tot leven toen ik door de fotoboeken bladerde. Als pasgeboren baby hou ik haar handje vast en kijk ik vertederd naar haar gezichtje. Ons leeftijdsverschil van negen jaar was een wereld van verschil. Er waren weinig jeugdherinneringen van ons samen. Toen zij negen jaar was, verliet ik het ouderlijk huis en vertrok naar de grote stad, de wijde wereld in.
Ze was het oogappeltje van mijn ouders, een innige band die ik niet heb gekend. Zij gelukkig wel.
Mijn moeder kreeg vier dochters, waarvan ik de oudste was. Toen ze trouwde met mijn vader, was ik twee jaar.
Ze was altijd thuis toen we uit school kwamen met een kopje thee en een biscuitje.
Rust, Reinheid en Regelmaat, de drie R’s waren haar gouden regel. Een opvoedingsregel waar ze zeer goed aan voldeed.
Op kerstochtend bleven de gordijnen dicht, en aten we bij het licht van de kaars krentenbrood met roomboter. De lichtjes brandden in de denneboom, de guirlandes slingerde om de dennentakken. Zilveren ballen die jaarlijks er in gehangen werden met een piek op de top. In alle eenvoud, is dit mijn herinnering aan de kerstmis van mijn jeugd.
We waren haar wereld en toen haar wereld veranderde, was ze als een engel, stil aanwezig met de glimlach van een kind. Blij als ze me zag, niet wetende dat ik haar dochter was om vervolgens te verdwijnen in een mist van zachte nevel.
Stilzwijgend heeft ze haar geheim gedragen, onuitgesproken woorden zijn bij haar gebleven.
Datgene wat onzichtbaar was werd zichtbaar toen ik krachtig werd en een gedrevenheid had om antwoorden te vinden van de waarheid in mijn leven, mijn afkomst.
De herfststorm van elf jaar geleden nam haar mee langs het Kerkepad om afscheid te nemen van ons leven.
Pas nu begrijp ik haar, haar liefde, haar stilzwijgen, voor mij.
Kaarsen verlichten het goud van de kersttafel.
De stoelen staan klaar om samen te eten, te lachen, te delen, te herinneren.
Dat we tranen in onze ogen mogen hebben, dat we voelen hoe het is dat ze niet aan tafel zitten.
Dat we precies zijn zoals we zijn en dat we elkaar kunnen herkennen en accepteren met het verdriet dat we dragen.
Dat we elkaar vinden als onze ogen afdwalen, in de songs die we luisteren.
De liefde die we diep hebben gevoeld, dat het er mag zijn.
Dit kerstfeest gaf ons ruimte aan het onzichtbare, aan de lege stoelen, aan de tradities waar ze ooit bij waren.
Als de lichten aangaan en de buitenwereld aandringt op vreugde.
Dan mogen we beseffen dat het missen van iemand geen ondankbaarheid is voor wat overblijft, maar een voortzetting van liefde.
Als de vrede komt, mag het zacht zijn, zonder verwachtingen.
Als het niet zo is, mogen we in deze tijd, waarin we de complexiteit van de liefde lijken te vergeten, nog steeds de ruimte krijgen om mens te zijn en onszelf te koesteren, elkaar lief te hebben. Mag de ruimte die ooit door hen vervuld werd met een liefdevolle herinnering zijn.
Geen stilzwijgen, geen geheimzinnigheid, geen familiegeheimen.
Een vreugdevol samenkomen met zijn wat er is in het stille licht van december, thuis.
Twee kleine meisjes springen dartelend door de huiskamer, de kerstlichtjes in de denneboom verlichten hun gezichtjes. Ze kijken me lachend aan. Met twee kleine kerstbeertjes in hun handjes brengen ze speelsheid en vrolijkheid. Mijn hart is vervuld, het leven geeft ook nieuw leven, die doorstroomt in deze twee.